Ineens springt hij van de bank af in plaats van eraf te rollen. Hij rent scherpere bochten, hij klimt op dingen en hij probeert de trap. Rond de leeftijd van elf tot twaalf weken maakt de motoriek van een pup een flinke sprong — hij krijgt meer spierkracht en betere controle over zijn lijf.
Dat is leuk om te zien, maar het maakt hem ook overmoedig. Een pup die net ontdekt heeft dat hij kan springen, weet nog niet dat hij niet elke sprong aankan.
Wat spelen echt doet
Spelen is voor een pup geen tijdverdrijf. Tussen ongeveer vier en twaalf weken leert hij juist tijdens het spelen de dingen die hij zijn hele leven nodig heeft:
- Lichaamsbeheersing — remmen, draaien, inschatten hoe ver iets weg is
- Bijtremming — hoe hard je mag bijten voordat de ander stopt met spelen
- Sociale regels — wanneer je doorgaat en wanneer je het rustiger aan doet
- Omgaan met opwinding — weer tot rust komen nadat het even wild was
Daarom is spel met jou zo waardevol. Elke keer dat je stopt als hij te hard bijt, leert hij iets dat later scheelt.
Hij kan maar heel kort opletten
Een pup van acht tot twaalf weken kan zich zo'n twee tot drie minuten achter elkaar echt concentreren. Daarna is zijn hoofd vol. Rond twaalf weken groeit dat naar een minuut of vijf.
Dat betekent: korte oefenmomentjes, meerdere keren per dag. Drie minuten "zit" oefenen voor het eten werkt beter dan een kwartier trainen in de tuin. Stop altijd op een moment dat het goed gaat, niet als hij afhaakt.
Vier soorten spel om af te wisselen
Snuffelspel. Strooi wat brokjes in het gras of in een oude handdoek die je oprolt. Zoeken met de neus maakt honden rustig en is best vermoeiend. Ideaal op een regendag.
Trekspel. Met een zacht touwtje of een pluchen speeltje. Laat hem regelmatig winnen — dat maakt hem niet dominant, dat maakt het spel leuk. Leer hem wel "los" door het spel stil te houden en te belonen als hij loslaat.
Kauwspel. Een pup moet kauwen. Geef hem daarvoor eigen kauwspeelgoed, anders kiest hij je tafelpoot of je schoenen. Zie het deel over bijtgedrag en speelvechten voor meer over de tandenwissel.
Denkspel. Verstop een snoepje onder een van drie bekers, of gebruik een simpel voerspeeltje. Kort houden: één of twee rondjes is genoeg voor een pup van deze leeftijd.
Rustig aan met zijn gewrichten
De botten van je pup groeien nog vanuit zachte groeischijven aan de uiteinden. Die sluiten pas veel later — bij kleine rassen vaak rond zes tot negen maanden, bij grote rassen soms pas na een jaar of langer. Springen van hoogtes, lang rennen achter een bal aan of veel trappen lopen belast die groeischijven onnodig.
Wat je daarvoor kunt doen: til hem de trap op en af zolang hij klein is, houd wandelingen kort, en speel liever op gras of tapijt dan op gladde vloeren. Een antislipkleedje op je laminaat scheelt een hoop uitglijders.
Veelgestelde vragen
Hoeveel speelgoed heeft een pup nodig?
Vier of vijf verschillende soorten is genoeg. Leg de helft weg en wissel elke week om. Dan blijft alles interessant.
Mijn pup pakt alles behalve zijn eigen speelgoed. Hoe kan dat?
Vaak omdat jouw spullen naar jou ruiken en dus spannender zijn. Ruil rustig om: neem de schoen af en geef er meteen een speeltje voor terug. Ga niet achter hem aan rennen — dat is voor hem het leukste spel van de dag.
Mag mijn pup met een tennisbal spelen?
Liever niet als vast speeltje. Het vilt werkt als schuurpapier op zijn tandjes. Er zijn genoeg ballen die speciaal voor honden gemaakt zijn.
Hij speelt zo wild dat hij bijt. Wat nu?
Stop het spel meteen, sta op en negeer hem tien tellen. Blijft hij doorgaan, dan is hij waarschijnlijk oververmoeid en heeft hij geen spel nodig, maar slaap.
Op zoek naar speelgoed dat tegen een puppygebit kan? Bekijk onze collectie Speelgoed voor honden voor kauw-, trek- en denkspeeltjes.
Vorige week: Puppydagboek: de eerste zindelijkheidstraining (10 weken). Volgende week: Puppydagboek: socialisatie en nieuwe indrukken (12 weken).